In deze civiele verzetzaak staat de levering van warmte door Ennatuurlijk aan [huurders] centraal. [Huurders] betwist dat er een overeenkomst tot stand is gekomen en vordert primair vernietiging van de overeenkomst, subsidiair ontbinding en verwijdering van persoonsgegevens. Ennatuurlijk voert verweer en vordert bekrachtiging van het verstekvonnis waarin de overeenkomst is ontbonden en betaling van verbruikskosten.
De rechtbank oordeelt dat door het feitelijk afnemen van warmte en het ontvangen van een welkomstpakket een overeenkomst tot stand is gekomen, conform vaste jurisprudentie (HR 17 december 2021). De stelling dat de overeenkomst vernietigbaar is wegens niet-naleving van (pre)contractuele informatieplichten wordt slechts voor 50% toegewezen, aansluitend bij het verstekvonnis en het arrest van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 16 april 2024.
De vordering tot ontbinding wordt bekrachtigd zoals reeds in het verstekvonnis bepaald. De gevorderde verwijdering van persoonsgegevens en terugdraaien van gegevensdeling wordt afgewezen, omdat de verwerking rechtmatig is voor de uitvoering van de overeenkomst en de Warmteregeling de gegevensdeling voorschrijft. [Huurders] wordt veroordeeld tot betaling van verbruikskosten, buitengerechtelijke kosten en proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.