ECLI:NL:RBZWB:2025:3254
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Op tegenspraak
- P.W.G. de Beer
- E.B. Prenger
- M.P.H. van Drunen
- Rechtspraak.nl
Verlenging terbeschikkingstelling met dwangverpleging na medeplegen moord
Betrokkene is bij vonnis van 15 november 2022 veroordeeld voor medeplegen van moord en het opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet, met oplegging van twee jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging. De tbs is op 13 mei 2023 aangevangen.
De rechtbank behandelde op 12 mei 2025 achter gesloten deuren de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de tbs met twee jaar. De tbs-instelling adviseerde verlenging vanwege een andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met antisociale trekken, problematische hechtingsstijl en cannabisgebruik. Betrokkene vertoont enige positieve ontwikkelingen, maar gebruikt nog regelmatig middelen en heeft een problematische familieband die risicofactor is.
De rechtbank concludeert dat het recidivegevaar nog aanwezig is en voortvloeit uit een ziekelijke stoornis en gebrekkige geestvermogensontwikkeling. Het traject is nog in een vroeg stadium, met geen zicht op uitstroom en nog geen succesvolle verlofaanvragen. Daarom wordt de tbs met dwangverpleging met twee jaar verlengd.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling met dwangverpleging met twee jaar wegens aanhoudend recidivegevaar en complexe problematiek.