ECLI:NL:RBZWB:2025:3319
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Beschikking
- Zander
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek billijke vergoeding wegens niet-naleving re-integratie en AVG-verplichtingen
De arbeidsovereenkomst tussen werknemer en de Gemeente is opgezegd na toestemming van het UWV wegens langdurige arbeidsongeschiktheid. Werknemer vordert een billijke vergoeding wegens het niet naleven van re-integratieverplichtingen en AVG-verplichtingen door de werkgever, met een bedrag van ruim € 274.000 aan loonschade en immateriële schade.
De kantonrechter beoordeelt dat de werknemer onvoldoende heeft onderbouwd dat de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. De gestelde schendingen van re-integratie- en AVG-verplichtingen zijn niet komen vast te staan, en er is geen causaal verband aangetoond tussen het handelen van de werkgever en het einde van de arbeidsovereenkomst.
Ook de aanvullende vordering op grond van artikel 7:658 en Pro 7:611 BW wordt afgewezen, omdat dezelfde feiten en argumenten ten grondslag liggen aan de billijke vergoeding en de hoge drempel niet wordt omzeild.
De kantonrechter wijst het verzoek af en veroordeelt werknemer in de proceskosten. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Verzoek billijke vergoeding wegens niet-naleving re-integratie- en AVG-verplichtingen wordt afgewezen.