Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene] B.V.
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 453,50
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op de Maasroute (A59) te Terheijden op 22 maart 2023. Betrokkene stelde beroep in tegen de boete, dat door de officier van justitie ongegrond werd verklaard. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De kern van het geschil betrof de vraag of er een reële mogelijkheid tot staandehouding was geweest. De verbalisant had afgezien van staandehouding omdat het voertuig zonder stopborden, optische- en geluidssignalen was, maar het bleef onduidelijk of het een opvallend politievoertuig betrof. De rechtbank oordeelde dat niet vaststond dat er geen reële mogelijkheid tot staandehouding was, waardoor de boete ten onrechte aan de kentekenhouder was opgelegd.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de boete en de beslissing van de officier van justitie, en beval terugbetaling van het betaalde bedrag. Tevens werd een proceskostenvergoeding van €1.230,50 toegekend aan betrokkene. Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt gegrond verklaard en de boete wordt vernietigd met toekenning van proceskostenvergoeding.