Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd omdat op 12 juni 2024 omstreeks 14:37 uur geen of te weinig parkeerbelasting was voldaan voor het parkeren aan een adres in de gemeente Breda. De naheffingsaanslag bedroeg €63,95, inclusief kosten.
Belanghebbende voerde aan dat de parkeerapp de verkeerde zone aangaf, waardoor te weinig parkeerbelasting werd betaald. In de ene zone geldt het eerste kwartier gratis parkeren, in de andere niet. De rechtbank oordeelde dat het objectieve karakter van de parkeerbelasting betekent dat opzet of schuld niet relevant zijn. Het is de verantwoordelijkheid van de weggebruiker om zich te informeren over het juiste parkeerregime.
De rechtbank stelde vast dat belanghebbende parkeerde in een zone waar geen gratis eerste kwartier geldt, maar via de app parkeerde in een zone waar dat wel geldt. De naheffingsaanslag is daarom terecht opgelegd en de redelijkheid en billijkheid bieden geen grond voor vermindering.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde de naheffingsaanslag. De uitspraak werd gedaan door rechter J.W. Ponds op 4 juni 2025 en is openbaar gemaakt.