ECLI:NL:RBZWB:2025:3403

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
11 april 2025
Publicatiedatum
2 juni 2025
Zaaknummer
10906466 MB VERZ 24-69
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • W.H.C. van Eck
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep gegrond verklaard tegen verkeersboete wegens onvoldoende bewijs van overtreding

Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het rijden van 5 km per uur te hard binnen de bebouwde kom op 6 januari 2023. Betrokkene voerde aan dat de overtreding plaatsvond onder bijzondere persoonlijke omstandigheden, namelijk een medische behandeling wegens borstkanker, en dat de snelheid geen gevaar voor de verkeersveiligheid opleverde.

De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, maar de kantonrechter oordeelde anders. Uit onderzoek van het CVOM bleek dat de schouwrapporten bij de flitspaal onvolledig waren, met name ontbraken de handhavingsborden in het rapport. Hierdoor kon niet worden vastgesteld of de bebording deugdelijk was op het moment van de vermeende overtreding.

De kantonrechter concludeerde dat de gedraging niet vaststond en dat de boete ten onrechte was opgelegd. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, de boete vernietigd en het betaalde bedrag van €49,- terugbetaald aan betrokkene. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.

Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt gegrond verklaard en de boete wordt vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Zittingsplaats Bergen op Zoom
zaaknummer : 10906466 \ MB VERZ 24-69
CJIB-nummer : 8062 5422 5504 5704
uitspraakdatum : 11 april 2025
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam :
[betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 11 april 2025. Namens de officier van justitie is verschenen mr. A. de Vreeze (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: 5 km per uur harder rijden dan mag binnen de bebouwde kom op de Burg. Freijterslaan kruising Jan Vermeerlaan richting centrum te Roosendaal op 6 januari 2023 om 13:07 uur.
Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de boete niet redelijk is gelet op de persoonlijke omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden. Er is onlangs borstkanker bij betrokkene gediagnostiseerd en betrokkene reed op 6 januari 2023 naar een bestralingssessie in het Bravis ziekenhuis te Roosendaal. Door de spanning en vermoeidheid is in deze situatie iets te hard gereden. Overigens is er met de gereden snelheid de verkeersveiligheid absoluut niet in gevaar gebracht. Betrokkene verzoekt de officier van justitie aan te geven op basis van welke norm er onvoldoende reden is om de beschikking te vernietigen of het sanctiebedrag te matigen en aan te geven wanneer gezien de ziekte en bijwerkingen wel voldoende reden is de beschikking te vernietigen of het sanctiebedrag te matigen. Het is algemeen bekend dat stralingen kunnen leiden tot ernstige vermoeidheidsklachten en dat deze met name ontstaan tijdens het bestralingstraject. Omdat betrokkene zich bewust is van dit risico schakelt zij waar nodig hulp in, maar op bepaalde dagen dient betrokkene zelf deel te nemen aan het verkeer. Deze omstandigheden in combinatie met het feit dat het hier gaat om een lichte snelheidsovertreding, is reden om van het boetestelsel af te wijken.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep gegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. Vanuit het CVOM is er onderzoek gedaan naar schouwrapporten bij flitspalen. Hieruit is gebleken dat bij de flitspaal in deze zaak de handhavingsborden niet worden vermeld in het schouwrapport. Om die reden wordt verzocht om de beschikking te vernietigen.

Overwegingen

De kantonrechter is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat de gedraging is verricht. Daarbij is van belang dat er bij de schouwrapporten sprake is van onvolledigheid. Hierdoor kan de kantonrechter niet vaststellen of er sprake was van deugdelijke bebording ten tijde van de vermeende gedraging. Dit betekent dat de boete ten onrechte is opgelegd. Het beroep is daarom gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van de officier van justitie zullen worden vernietigd. Het bedrag dat betrokkene aan zekerheid heeft betaald moet door de officier van justitie worden terugbetaald.

Beslissing

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gegrond;
‒ vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd;
‒ draagt de officier van justitie op het bedrag van € 49,- dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terug te betalen.
Deze uitspraak is gedaan door mr. W.H.C. van Eck, kantonrechter, bijgestaan door de griffier L.I.M. Appels, en in het openbaar uitgesproken op 11 april 2025.
Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.
Datum verzending: