Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 453,50
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene werd beboet voor het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op de Midden-Brabantweg te Kaatsheuvel op 2 januari 2023. Betrokkene stelde dat hij de gedraging niet had verricht en voerde aan dat de verbalisant onvoldoende bewijs had geleverd over het apparaat. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond.
De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant voldoende was om de gedraging vast te stellen, mede omdat betrokkene geen specifieke feiten aanvoerde die twijfel rechtvaardigen. Wel werd vastgesteld dat de redelijke termijn voor de behandeling van de zaak met ruim vier maanden was overschreden.
Gelet op de overschrijding matigde de kantonrechter de boete met 25% en veroordeelde de officier van justitie tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene. Tevens werd het teveel betaalde bedrag als zekerheidstelling aan betrokkene terugbetaald.
Uitkomst: De boete wordt gematigd met 25% vanwege overschrijding van de redelijke termijn en de proceskosten worden vergoed.