Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- mevrouw [naam 1] , casemanager FACT;
- mevrouw [naam 2] , herstelcoach begeleid wonen.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 16 januari 2025 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor betrokkene, geboren in 1973, die lijdt aan een schizofreniespectrumstoornis.
Tijdens de mondelinge behandeling, die met gesloten deuren plaatsvond, werden betrokkene, zijn advocaat, een casemanager FACT en een herstelcoach gehoord. De officier van justitie was niet aanwezig. Betrokkene woont sinds acht weken begeleid en werkt positief mee aan medicatiegebruik en ambulante behandeling, maar er is een reëel risico dat hij zonder verplicht kader niet meer zal meewerken.
De rechtbank oordeelde dat betrokkene door zijn stoornis ernstig nadeel kan ondervinden, zoals lichamelijk letsel, verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. Verplichte zorg is daarom noodzakelijk. De toegewezen zorgvormen omvatten medicatietoediening, medische controles en beperkingen in de vrijheid om het eigen leven in te richten, waaronder contact met het FACT-team en RIBW. Het gebruik van communicatiemiddelen is niet noodzakelijk bevonden.
De zorgmachtiging wordt verleend voor twaalf maanden, tot en met 16 januari 2026. Andere gevraagde zorgvormen zijn afgewezen. De beschikking is mondeling gegeven en schriftelijk vastgelegd op 22 januari 2025.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twaalf maanden voor verplichte medicatie, medische controles en beperkingen in de vrijheid van betrokkene.