Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- de heer [naam 1] , casemanager FACT.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 23 mei 2025 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor betrokkene, die lijdt aan een recidiverend paranoïde en hallucinatoir psychotisch toestandsbeeld en een laag verstandelijk vermogen.
Betrokkene ervaart ernstige bijwerkingen van de voorgeschreven medicatie en weigert deze, terwijl de casemanager FACT benadrukt dat medicatie essentieel is voor stabiliteit en het voorkomen van terugval in psychose en verwaarlozing. De rechtbank concludeert dat vrijwillige zorg niet mogelijk is en dat verplichte zorg noodzakelijk is om ernstig nadeel af te wenden.
De toegewezen zorgmachtiging omvat het toedienen van medicatie, medische controles en beperkingen in de vrijheid, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen. De rechtbank wijst de gevraagde duur van 24 maanden af en beperkt de machtiging tot 12 maanden, met het oog op periodieke toetsing en het bevorderen van de behandelrelatie.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor verplichte zorg met medicatietoediening en beperkingen in vrijheid voor de duur van twaalf maanden.