Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- mevrouw [naam 1] , psychiater;
- de heer [naam 2] , verpleegkundige.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 23 mei 2025 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 1981. Betrokkene vertoonde afwijkend gedrag, zoals achterdocht, isolatie en overlast, wat leidde tot het vertrek van zijn echtgenote en kinderen uit de woning. Betrokkene ontkende een psychische stoornis en weigerde zorg.
De onafhankelijke psychiater stelde op basis van eigen waarnemingen en informatie van de gemeente dat betrokkene vermoedelijk lijdt aan een schizofreniespectrumstoornis, waarvoor klinische opname en nader diagnostisch onderzoek noodzakelijk zijn. De aanwezige psychiater en verpleegkundige onderschreven dit oordeel en benadrukten het ontbreken van mogelijkheden voor vrijwillige zorg.
De rechtbank concludeerde dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis die ernstig nadeel veroorzaakt, waaronder psychische en materiële schade, verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. Gezien de weigering van zorg en het ernstig nadeel is verplichte zorg noodzakelijk. De rechtbank wees de gevraagde vormen van zorgmachtiging toe voor een periode van zes maanden, waarbij minder bezwarende alternatieven ontbreken.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verplichte zorgmaatregelen voor betrokkene wegens een vermoedelijke schizofreniespectrumstoornis en ernstig nadeel.