De zaak betreft een verzoek van het college van burgemeester en wethouders van Bergen op Zoom om een spoedmachtiging te verlenen voor gesloten jeugdhulp aan een minderjarige geboren in 2007. De minderjarige verblijft feitelijk in een accommodatie waaruit zij is weggelopen en sindsdien vermist wordt. Er zijn ernstige zorgen over haar veiligheid en welzijn, waaronder veelvuldig drugs- en alcoholgebruik, betrokkenheid bij seksuele uitbuiting en een toename van automutilatie.
De kinderrechter heeft op 11 juni 2025 een spoedmachtiging voor gesloten jeugdhulp verleend voor de duur van twee weken, gelet op het onmiddellijke en ernstige gevaar voor de minderjarige. De machtiging is verleend zonder mondelinge behandeling vanwege de urgentie. De vader van de minderjarige stemt in met de opname en het verblijf in een gesloten accommodatie.
De kinderrechter heeft het college en belanghebbenden de gelegenheid gegeven hun mening te geven tijdens een mondelinge behandeling die zal plaatsvinden op een nader te bepalen datum. Voorafgaand daaraan moet het college een instemmingsverklaring van een gekwalificeerde gedragswetenschapper overleggen, gebaseerd op persoonlijk onderzoek van de minderjarige. De behandeling van het resterende deel van het spoedverzoek en het reguliere verzoek tot gesloten jeugdhulp is aangehouden.
Tegen deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ’s-Hertogenbosch binnen drie maanden na dagtekening. De beschikking is op 11 juni 2025 in het openbaar uitgesproken door kinderrechter Duinhof en op 12 juni 2025 schriftelijk vastgelegd.