ECLI:NL:RBZWB:2025:3946

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
17 juni 2025
Publicatiedatum
24 juni 2025
Zaaknummer
11284524 \ CV EXPL 24-4336 (E)
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
  • Badal
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 31 RvArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelvonnis inzake huurachterstand en proceskosten in huurovereenkomst

In deze bodemzaak tussen Birds Residential Coöperatief U.A. en huurder stond de betaling van een huurachterstand en de proceskosten ter discussie. Birds verzocht om herstel van het eerdere vonnis van 16 april 2025, omdat zij meende ten onrechte veroordeeld te zijn tot betaling van de huurachterstand en proceskosten.

De huurder stemde in met het herstel van de veroordeling tot betaling van de huurachterstand, maar verzette zich tegen aanpassing van de proceskostenveroordeling. De kantonrechter oordeelde dat er sprake was van een kennelijke fout in de veroordeling tot betaling van de huurachterstand, die eenvoudig hersteld kon worden volgens artikel 31 Rv Pro.

Ten aanzien van de proceskosten oordeelde de kantonrechter dat het vonnis geen kennelijke fout bevatte, aangezien Birds grotendeels in het ongelijk was gesteld en het resterende bedrag van de huurachterstand door de huurder mocht worden opgeschort. De veroordeling tot betaling van de huurachterstand werd gecorrigeerd naar een bedrag van € 23.857,60 plus wettelijke rente, terwijl de proceskostenveroordeling ongewijzigd bleef.

Het herstelvonnis werd op 18 juni 2025 gewezen en aan het oorspronkelijke vonnis gehecht, zodat beide vonnissen als één geheel gelden.

Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot betaling van € 23.857,60 plus wettelijke rente, met behoud van de proceskostenveroordeling.

Uitspraak

RECHTBANKZEELAND-WEST-BRABANT
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Tilburg
Zaaknummer: 11284524 \ CV EXPL 24-4336
Vonnis van 18 juni 2025
in de zaak van
BIRDS RESIDENTIAL COÖPERATIEF U.A.,
te Amsterdam ,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: Birds ,
gemachtigde: Bazuin & Partners,
tegen
[huurder],
te [plaats] ,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: [huurder] ,
gemachtigde: mr. T.M. ten Velde.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het vonnis van 16 april 2025
- de brief van 2 mei 2025 van Birds
- de brief van 19 mei 2025 van [huurder] .
1.2.
Daarna is vonnis bepaald.

2.Het geschil en de beoordeling

2.1.
Birds heeft bij brief van 2 mei 2025 verzocht om herstel van voormeld vonnis. Zij heeft daartoe aangevoerd dat in de rechtsoverwegingen 6.1. en 6.3 sprake is van kennelijke fouten, omdat ten onrechte Birds is veroordeeld tot betaling van de huurachterstand (en de wettelijke rente) en de betaling van de proceskosten.
2.2.
[huurder] heeft bij brief van 19 mei 2025 bericht in te stemmen met het verzoek ten aanzien van de betaling van de huurachterstand, maar hij verzet zich tegen de aanpassing van de veroordeling in de proceskosten.
2.3.
De kantonrechter is van oordeel dat er sprake is van een kennelijke fout ten aanzien van de betaling van de huurachterstand, die zich leent voor eenvoudig herstel zoals bedoeld in artikel 31 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
2.4.
Ten aanzien van de proceskosten is de kantonrechter van oordeel het vonnis geen kennelijke fout bevat. Gebleken is dat Birds (in conventie) hoofzakelijk in het ongelijk is. De vordering tot ontbinding is afgewezen, net als een groot deel van de vordering tot betaling van de huurachterstand. Het resterende bedrag van € 21.540,81 mocht [huurder] immers opschorten, zoals in rechtsoverweging 5.17 tot en met 5.19 is geoordeeld. Het voorgaande betekent dat als volgt zal worden beslist.

3.De beslissing

De kantonrechter:
volhardt bij de inhoud van het tussen partijen op 16 april 2025 gewezen vonnis met bovenvermeld zaaknummer, met dien verstande dat de in de beslissing onder 6.1. opgenomen veroordeling als volgt dient te luiden:
“6.1 veroordeelt [huurder] om aan Birds te betalen een bedrag van € 23.857,60, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro vanaf de respectievelijke vervaldata van de onderliggende facturen, tot de dag van volledige betaling,”,
bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 18 juni 2025 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 16 april 2025;
bepaalt dat de griffier dit vonnis hecht aan de minuut van het vonnis van 16 april 2025 en van deze vonnissen als één geheel afschrift respectievelijk grosse verstrekt.
Dit vonnis is gewezen door mr. Badal en in het openbaar uitgesproken op 18 juni 2025.