Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
2. zich samen met een ander schuldig heeft gemaakt aan valsheid in geschrift;
3. zich samen met een ander schuldig heeft gemaakt aan het gebruik maken van een vals geschrift.
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
een gevangenisstraf van 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
een taakstraf van 80 uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast van
40 dagen;
[benadeelde]van
€ 5.000,-aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 24 januari 2016 tot aan de dag der voldoening;
€ 812,-;
[benadeelde](feit1),
€ 5.812,-te betalen, waarvan € 5.000,- vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 24 januari 2016 tot aan de dag der voldoening;
60 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;