Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
2.Het verzoek
3.De standpunten
4.De beoordeling
5.De beslissing
12 december 2025.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 12 juni 2025 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene, die lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. Betrokkene verblijft sinds januari 2025 grotendeels vrijwillig in een accommodatie, maar weigert een ophoging van medicatie vanwege bijwerkingen en medicatielast.
De verpleegkundig specialisten bevestigen de ernstige psychische ontregelingen met symptomen als stemmen, suïcidale gedachten en wanen, waardoor betrokkene lijdt aan aanzienlijke psychische schade, zelfverwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. Vrijwillige zorg is onvoldoende gebleken omdat betrokkene regelmatig vroegtijdig afhaakt en medicatie weigert.
De rechtbank concludeert dat de wettelijke criteria voor verplichte zorg zijn vervuld. De noodzakelijke zorgvormen omvatten medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperking, toezicht, opname in een accommodatie en beperkingen in de vrijheid om het eigen leven in te richten. Deze maatregelen zijn proportioneel, effectief en gericht op stabilisatie en bescherming van betrokkene en haar omgeving.
De zorgmachtiging wordt verleend voor zes maanden, ingaande op 12 juni 2025 en eindigend op 12 december 2025. De beschikking is mondeling gegeven en schriftelijk vastgelegd op 26 juni 2025, met mogelijkheid tot cassatie.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verplichte zorgvormen voor betrokkene vanwege ernstige psychische stoornis en onvoldoende vrijwillige zorgmedewerking.