Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
kandus in het door [verbalisant] genoemde tijdsbestek op de plaats delict in enge zin zijn geweest en vervolgens om 14.44 uur in de [straat 1] ter hoogte van de camera hebben gelopen, maar hij
kanook elders zijn geweest.
5.De benadeelde partij
6.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het ten laste gelegde feit;
Nederland, [slachtoffer] opzettelijk van het leven heeft beroofd,
door die [slachtoffer] meermalen, althans eenmaal,
- met (een) voorwerp(en) met kracht op/tegen het hoofd te
slaan/stompen en/of
- op/tegen het hoofd te schoppen/trappen/stampen,
in elk geval stomp- en/of botsend geweld uit te oefenen op het hoofd
van die [slachtoffer]
(terwijl die [slachtoffer] met haar hoofd op de grond lag en/of haar hoofd
door het daarop uitgeoefende geweld samengedrukt/geplet werd).
( art 287 Wetboek Pro van Strafrecht )