ECLI:NL:RBZWB:2025:4291
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag elektrische rolstoel op grond van Wmo 2015 bevestigd
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een elektrische rolstoel en een plateaulift op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015). Het college van burgemeester en wethouders van Breda heeft deze aanvraag afgewezen, omdat er geen medische verklaring is voor de klachten van eiser en de reeds toegekende handbewogen rolstoel en deeltaxi voldoende zijn voor maatschappelijke participatie.
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen deze afwijzing en vervolgens beroep ingesteld bij de rechtbank. Tijdens de procedure is gebleken dat eiser inmiddels is verhuisd naar een nultredenwoning, waardoor het beroep tegen de afwijzing van de plateaulift niet-ontvankelijk is verklaard wegens het ontbreken van belang.
De rechtbank heeft het beroep tegen de weigering van de elektrische rolstoel inhoudelijk beoordeeld. De medische adviseur concludeerde dat er geen medische noodzaak is voor een elektrische rolstoel en dat nader onderzoek en behandeling mogelijk tot vermindering van de klachten kunnen leiden. De rechtbank acht de motivering van het college zorgvuldig en voldoende onderbouwd. Het verzoek van eiser om een onafhankelijke deskundige te benoemen is afgewezen, evenals het beroep op de hardheidsclausule.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en veroordeelt het college tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten aan eiser vanwege een motiveringsgebrek in het bestreden besluit.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van een elektrische rolstoel wordt ongegrond verklaard en het beroep tegen de plateaulift niet-ontvankelijk.