ECLI:NL:RBZWB:2025:4350
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vaststelling WOZ-waarde en aanslag OZB woning Tilburg
Belanghebbende is eigenaar van een tussenwoning in Tilburg waarvan de WOZ-waarde op 1 januari 2022 is vastgesteld op €309.000. Tegen deze waardebepaling en de daarop gebaseerde aanslag OZB heeft belanghebbende bezwaar gemaakt, dat door de heffingsambtenaar is afgewezen. De rechtbank beoordeelt het beroep tegen deze beslissing.
De heffingsambtenaar heeft de waarde bepaald via de vergelijkingsmethode, waarbij referentiewoningen zijn gebruikt die vergelijkbaar zijn in type, ligging en bouwjaar. Belanghebbende betwist onder meer het voorzieningenniveau en de energielabelvergelijking, maar heeft deze stellingen onvoldoende onderbouwd. De rechtbank oordeelt dat de heffingsambtenaar voldoende rekening heeft gehouden met verschillen tussen de woningen.
Ook is geoordeeld dat het late indienen van een aanvullend stuk door de heffingsambtenaar geen schending van de goede procesorde oplevert, aangezien belanghebbende voldoende tijd en gelegenheid heeft gehad om hierop te reageren. De rechtbank concludeert dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde en aanslag OZB wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft gehandhaafd.