Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van het geding
2.De verdere beoordeling
€ 20,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
In deze zaak stond een consumentenkoop met achteraf betalen centraal, waarbij Billink B.V. een vordering instelde tegen de gedaagde partij. De kantonrechter stelde vast dat er zowel een koopovereenkomst als een kredietovereenkomst bestond tussen partijen.
De kantonrechter bevestigde dat de verkoper aan zijn precontractuele informatieplicht had voldaan, waardoor de gevorderde koopsom toewijsbaar was. Vervolgens werd onderzocht of de kredietovereenkomst onder titel 7.2A BW viel, met uitzondering van de uitzonderingscategorieën uit artikel 7:58 lid 2 BW Pro, met name onder e.
Billink B.V. lichtte haar verdienmodel toe, waarbij zij aangaf dat haar inkomsten voortkomen uit vergoedingen van verkopers en niet uit rente of incassokosten. De kantonrechter concludeerde dat dit voldoende onderbouwd was en dat de kredietovereenkomst daarom niet als consumentenkredietovereenkomst kwalificeerde. De vordering werd toegewezen, met veroordeling van gedaagde tot betaling van de hoofdsom, rente en proceskosten.
Uitkomst: De vordering van Billink B.V. wordt toegewezen en gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €120,62 plus rente en proceskosten.