Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van het geding
2.De verdere beoordeling
€ 20,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
In deze civiele bodemzaak stond de geldigheid van een consumentenkredietovereenkomst centraal. De eiseres, een vennootschap naar buitenlands recht, vorderde betaling van de volledige kredietsom inclusief rente en incassokosten van de gedaagde consument. De rechtbank stelde vast dat de koopovereenkomst deels vernietigd werd wegens onvoldoende naleving van informatieplichten, met een reductie van de koopsom met 20%.
Ten aanzien van de kredietovereenkomst oordeelde de rechtbank dat titel 2A van Boek 7 BW van toepassing is, tenzij een uitzondering van artikel 7:58 lid 2 BW Pro geldt. Eisende partij mocht haar verdienmodel toelichten, waarbij zij stelde dat wanbetaling slechts een klein deel van de transacties betreft en dat de incassokosten niet winstgevend zijn. De rechtbank vond deze toelichting onvoldoende concreet en overtuigend, mede gelet op stukken van de Autoriteit Financiële Markten waaruit blijkt dat veel 'Buy Now, Pay Later'-aanbieders juist op wanbetaling verdienen.
Daarom werd geconcludeerd dat de kredietovereenkomst onder de beschermende titel 2A BW valt en dat eisende partij niet heeft aangetoond dat zij heeft voldaan aan de informatie- en kredietwaardigheidstoetsverplichtingen. De kredietovereenkomst werd vernietigd, waarbij de gedaagde slechts de hoofdsom van €95,99 verschuldigd is. Betaling van buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente werd afgewezen. De gedaagde werd veroordeeld tot betaling van proceskosten van €303,54.
Uitkomst: De kredietovereenkomst wordt vernietigd en alleen de hoofdsom van €95,99 wordt toegewezen.