ECLI:NL:RBZWB:2025:4667
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Swaanen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen werknemer wegens gezag van gewijsde en misbruik van procesrecht
Werknemer was van 2015 tot 2017 in dienst bij werkgever en beëindigde het dienstverband met een vaststellingsovereenkomst. Na beëindiging startte werknemer meerdere procedures tegen werkgever over onder meer ongeldigheid van de vaststellingsovereenkomst, doorbetaling van loon en privacy-schending.
De kantonrechter wees de vorderingen in 2019 af en het hof bekrachtigde dit in 2021. In de huidige procedure vordert werknemer ontbinding van de vaststellingsovereenkomst en herstel van het dienstverband wegens vermeende tekortkomingen van werkgever.
De rechtbank oordeelt dat eerdere uitspraken gezag van gewijsde hebben en dat dezelfde rechtsbetrekking en feiten niet opnieuw aan de orde kunnen worden gesteld. Het starten van deze procedure is misbruik van procesrecht, waardoor de vorderingen worden afgewezen en werknemer wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Vorderingen werknemer worden afgewezen wegens gezag van gewijsde en misbruik van procesrecht; werknemer wordt veroordeeld in proceskosten.