ECLI:NL:RBZWB:2025:4795
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen aanslag inkomstenbelasting 2015 kennelijk niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) over het jaar 2015. De inspecteur heeft het bezwaar deels gehonoreerd, waardoor de aanslag werd verminderd. De rechtbank beoordeelt het beroep tegen de uitspraak op bezwaar van 30 september 2024.
De rechtbank constateert dat het beroepschrift te laat is ingediend. De beroepstermijn van zes weken begon te lopen op 1 oktober 2024 en eindigde op 11 november 2024. Het beroepschrift is op 10 december 2024 per post verzonden, ruim na de termijn en ook na de toegestane week na afloop van de termijn. Belanghebbende heeft niet aannemelijk gemaakt dat het beroepschrift eerder is verzonden.
De rechtbank heeft belanghebbende in de gelegenheid gesteld om redenen voor de termijnoverschrijding aan te geven, maar er is geen reactie ontvangen. Hierdoor is het te laat indienen niet verontschuldigbaar. Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk en blijft het bestreden besluit ongewijzigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening zonder verontschuldiging.