Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- dhr. [naam 1], psychiater;
- dhr. [naam 2], psychiater in opleiding, behandelaar.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene verblijft onder een crisismaatregel in een GGZ-instelling, afgegeven door de burgemeester van Bergen op Zoom op 4 juli 2025. De officier van justitie verzoekt de rechtbank om deze maatregel met drie weken te verlengen. Tijdens de zitting op 9 juli 2025, die achter gesloten deuren plaatsvond, zijn betrokkene, zijn advocaat en twee psychiaters gehoord. Betrokkene verklaart zich goed te voelen en verwijst voor zijn toestand naar de psychiater.
De psychiater en behandelaar geven aan dat betrokkene gestabiliseerd is na medicatie en dat er geen sprake meer is van verzet. De behandelaar meldt dat betrokkene zijn medicatie vrijwillig inneemt en weer goed contact maakt. Ook de advocaat pleit voor afwijzing van het verzoek vanwege het ontbreken van verzet en onmiddellijk dreigend ernstig nadeel.
De rechtbank concludeert dat niet wordt voldaan aan de wettelijke criteria voor voortzetting van de crisismaatregel en wijst het verzoek af. De beschikking is op 9 juli 2025 mondeling gegeven en op 23 juli 2025 schriftelijk vastgelegd. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Verzoek tot voortzetting crisismaatregel wordt afgewezen wegens ontbreken van verzet en onmiddellijk dreigend ernstig nadeel.