De kinderrechter van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 17 juli 2025 een beschikking gegeven tot verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige bij een netwerkpleeggezin, te weten de tante van moederszijde. Dit besluit volgt op eerdere ondertoezichtstellingen en machtigingen die tot 19 augustus 2025 lopen.
De minderjarige vertoont agressief gedrag richting moeder en zussen, met name de jongste zus is fysiek onveilig. Pogingen tot behandeling via een 24-uurs opname bij Sterk Huis zijn mislukt vanwege onveiligheidsgevoelens en lichamelijke klachten bij de minderjarige. Een voortzetting van deze opname is daarom niet haalbaar.
De moeder stemt in met de plaatsing bij de tante, die positief is gescreend en waar de minderjarige zich beter voelt. De kinderrechter acht de uithuisplaatsing noodzakelijk in het belang van de verzorging en opvoeding van de minderjarige en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden na uitspraak.