Uitspraak
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- de conclusie van antwoord;
- de akte van Alektum;
- de antwoordakte van [gedaagde].
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Alektum Capital II AG vordert betaling van een factuur van €241,17 van [gedaagde], gebaseerd op een vermeende koopovereenkomst via een webshop op 22 mei 2021. Volgens Alektum heeft [gedaagde] goederen besteld en gekozen voor achteraf betalen via Klarna, waarna de vordering is overgedragen aan Alektum. [gedaagde] betwist het bestaan van de overeenkomst, de ontvangst van goederen en de orderbevestiging.
De kantonrechter stelt vast dat de Nederlandse rechter bevoegd is en Nederlands recht van toepassing is vanwege het internationale karakter en de woonplaats van [gedaagde]. Alektum heeft een orderbevestiging overgelegd, maar dit bewijs is onvoldoende om het bestaan van de overeenkomst aan te tonen, mede omdat [gedaagde] de ontvangst van deze bevestiging betwist en Alektum geen aanvullende bewijsstukken heeft.
Daarom wordt de vordering afgewezen. Proceskosten worden aan Alektum opgelegd, maar de kosten van [gedaagde] worden nihil begroot omdat zij zonder gemachtigde heeft geprocedeerd en geen kosten heeft gemaakt die voor vergoeding in aanmerking komen.
Uitkomst: De vordering van Alektum wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van de overeenkomst.