ECLI:NL:RBZWB:2025:5120
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens te vroege ingebrekestelling bij Woo-verzoek
Eiser diende op 9 maart 2025 een verzoek in op grond van de Wet open overheid (Woo) bij de minister van Infrastructuur en Waterstaat. De minister heeft niet binnen de wettelijke termijn beslist, waarop eiser een beroep instelde bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant.
De rechtbank beoordeelde dat voordat een beroep kan worden ingesteld wegens niet tijdig beslissen, de betrokkene eerst een ingebrekestelling moet sturen nadat de beslistermijn is verstreken. In deze zaak liep de beslistermijn tot 20 april 2025, maar eiser stuurde de ingebrekestelling reeds op 15 en 18 april 2025, dus vóór het verstrijken van de termijn.
Daarnaast bleek uit een e-mail van 18 april 2025 dat eiser schriftelijk had ingestemd met uitstel van de beslistermijn tot eind mei/begin juni 2025. Hierdoor was de termijn op het moment van de ingebrekestelling nog niet verstreken. De rechtbank verklaarde het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk en kon het beroep inhoudelijk niet beoordelen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege een te vroege ingebrekestelling.