ECLI:NL:RBZWB:2025:5305
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring bezwaar tegen opname DNA-materiaal na veroordeling mishandeling
De veroordeelde heeft bezwaar gemaakt tegen de afname en opname van zijn DNA-materiaal na een veroordeling voor mishandeling. Hij stelt dat hij jong is, niet eerder met justitie in aanraking is geweest en dat opname stigmatiserend werkt.
De rechtbank beoordeelde het bezwaar op 3 juni 2025 in besloten raadkamer en hoorde de veroordeelde, zijn advocaat en de officier van justitie. De rechtbank stelt vast dat het bevel tot afname van DNA-materiaal is gegeven na een geldige veroordeling voor een misdrijf dat valt onder de Wet DNA.
De rechtbank overweegt dat de wet een uitzondering kent wanneer het DNA-onderzoek niet van belang is vanwege de aard van het misdrijf of bijzondere omstandigheden. Hierbij kan onder meer de minderjarige leeftijd van de veroordeelde ten tijde van het feit een rol spelen.
In deze zaak is de veroordeelde veroordeeld voor mishandeling zonder rechtvaardiging of aanleiding, en is geen sprake van bijzondere omstandigheden die opname van DNA-materiaal uitsluiten. Het bezwaar wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de opname van het DNA-materiaal wordt ongegrond verklaard.