Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
wonende te [plaats],
woonplaats kiezende ten kantore van mr. R.A.H. van Huijgevoort, Tivolistraat 30, 5017 HR Tilburg
1.De procedure
- het klaagschrift op grond van artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering (Sv), ingediend op 11 februari 2025 ter griffie van deze rechtbank;
- de kennisgeving van inbeslagneming op grond van artikel 94 Sv Pro, waaruit blijkt dat op 10 september 2024 te [plaats] een scooter en een contant geldbedrag ter hoogte van € 8.535,00 onder klager in beslag is genomen;
- de reactie van de officier van justitie en
- de overige stukken uit het bijbehorende raadkamerdossier met voornoemd raadkamernummer.
2.De beoordeling
3.De beslissing
beroep in cassatieworden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden te 's-Gravenhage (artikel 552d lid 2 Wetboek van Strafvordering).