ECLI:NL:RBZWB:2025:5410
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde woning en aanslag onroerendezaakbelasting
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de WOZ-waarde van zijn woning, vastgesteld op €585.000 per 1 januari 2021, en tegen de daarop gebaseerde aanslag onroerendezaakbelasting. De rechtbank heeft de zaak op 3 juli 2025 behandeld en beoordeelt of de waarde te hoog is vastgesteld.
De rechtbank concludeert dat de heffingsambtenaar de waarde op juiste wijze heeft bepaald met gebruikmaking van de vergelijkingsmethode en een taxatierapport. De gebruikte referentiewoningen zijn voldoende vergelijkbaar en de correcties voor verschillen zijn adequaat gemotiveerd. De motiveringsplicht in de uitspraak op bezwaar is niet geschonden.
De rechtbank wijst het beroep af, bevestigt de WOZ-waarde en de aanslag OZB en wijst het verzoek om griffierecht en proceskostenvergoeding af. De uitspraak is gedaan door rechter S.A.J. Bastiaansen op 14 augustus 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde en de aanslag OZB wordt ongegrond verklaard en de vastgestelde waarde blijft gehandhaafd.