ECLI:NL:RBZWB:2025:5428
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Op tegenspraak
- L.W. Boogert
- G.H. Nomes
- L.W. Louwerse
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid ontnemingsvordering na vrijspraak verdachte
De officier van justitie vorderde ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel van €74.825,--, gebaseerd op het medeplegen van hennepteelt en diefstal van elektriciteit. De verdediging voerde primair aan dat de officier niet-ontvankelijk moest worden verklaard vanwege de vrijspraak in de hoofdzaak.
De rechtbank oordeelde dat de verdachte bij vonnis van dezelfde dag is vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten. Omdat de ontnemingsvordering gebaseerd is op deze feiten en er geen veroordeling is, staat dit aan de ontvankelijkheid van de vordering in de weg.
De rechtbank verklaarde daarom de officier van justitie niet-ontvankelijk in de ontnemingsvordering en wees de vordering af. Dit volgt uit vaste rechtspraak dat een ontnemingsvordering niet ontvankelijk is zonder veroordeling wegens het strafbare feit.
Uitkomst: De officier van justitie is niet-ontvankelijk verklaard in de ontnemingsvordering wegens vrijspraak van verdachte.