ECLI:NL:RBZWB:2025:5512
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- De Beer
- Rechtspraak.nl
Voorlopige ondertoezichtstelling van drie minderjarigen wegens ernstige ontwikkelingsbedreiging
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht op 31 juli 2025 om een voorlopige ondertoezichtstelling van drie minderjarigen, geboren in 2013, 2014 en 2020, vanwege ernstige zorgen over hun veiligheid en ontwikkeling. De ouders zijn gescheiden en wonen niet samen; de twee oudste kinderen wonen bij de vader zonder contact met de moeder, terwijl de jongste een co-ouderschapsregeling kent.
Tijdens de zitting met gesloten deuren kwamen zorgen naar voren over vermeende mishandelingen door de moeder, wat door haar werd ontkend. De kinderrechter en de Raad achten de situatie ernstig genoeg om een gedwongen maatregel te treffen, omdat vrijwillige hulpverlening onvoldoende is om de bedreiging weg te nemen.
De kinderrechter legt de voorlopige ondertoezichtstelling op voor drie maanden, waarbij Stichting Jeugdbescherming West Zeeland de regie krijgt over een veiligheidsplan en de coördinatie van hulpverlening. Dit moet leiden tot meer inzicht in de situatie en veilige omgangsregelingen voor de kinderen.
De beslissing is genomen op 31 juli 2025 en schriftelijk vastgelegd op 5 augustus 2025, conform artikel 1:257 BW Pro.
Uitkomst: De kinderrechter stelt drie minderjarigen voorlopig onder toezicht voor drie maanden wegens ernstige ontwikkelingsbedreiging.