Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 226,75
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene werd een administratieve sanctie opgelegd voor het rijden met 22 km per uur te hard binnen de bebouwde kom op de Nijverheidsweg te Etten-Leur op 16 april 2023. Betrokkene stelde beroep in tegen de boete, dat door de officier van justitie ongegrond werd verklaard. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De kantonrechter oordeelde dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd vaststaat op basis van de verklaring van de verbalisant. Betrokkene voerde aan dat de officier van justitie de hoorplicht had geschonden en dat de beslistermijn was verstreken. De rechter stelde vast dat de hoorplicht niet is geschonden omdat betrokkene via zijn gemachtigde schriftelijk gelegenheid had gekregen om het beroep aan te vullen.
Wel was de redelijke termijn van behandeling van de zaak met ruim twee maanden overschreden, waardoor de boete met 25% werd gematigd. Daarnaast werd betrokkene het teveel betaalde bedrag terugbetaald en werd de officier van justitie veroordeeld tot een proceskostenvergoeding van €226,75. De beslissing van de officier van justitie werd daarmee gewijzigd en het beroep gedeeltelijk gegrond verklaard.
Uitkomst: De boete wordt met 25% gematigd wegens overschrijding van de redelijke termijn en betrokkene krijgt proceskostenvergoeding.