ECLI:NL:RBZWB:2025:5800
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen WOZ-waarde en aanslag onroerendezaakbelasting woning Middelburg
Belanghebbende is eigenaar van een woning in Middelburg waarvan de WOZ-waarde per 1 januari 2023 door de heffingsambtenaar is vastgesteld op €303.000. De aanslag onroerendezaakbelasting (OZB) is op basis van deze waarde opgelegd. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze vaststelling, maar dit bezwaar werd ongegrond verklaard.
De rechtbank heeft het beroep van belanghebbende behandeld en eerst de ontvankelijkheid beoordeeld. Hoewel het beroepschrift te laat was ingediend, werd de termijnoverschrijding verschoonbaar geacht op grond van een bewijs van tijdige verzending per aangetekende post. Het beroep werd daarom ontvankelijk verklaard.
Inhoudelijk oordeelde de rechtbank dat de heffingsambtenaar de WOZ-waarde niet te hoog had vastgesteld. De waarde was gebaseerd op het eigen aankoopbedrag van de woning, geïndexeerd naar de waardepeildatum, wat als een nauwkeurige methode wordt beschouwd. De verkoopdatum van 1 juli 2022 lag binnen de toegestane termijn voor vergelijkbaarheid met de peildatum 1 januari 2023.
De rechtbank concludeerde dat de vastgestelde waarde van €303.000 niet te hoog was en verklaarde het beroep ongegrond. Hierdoor blijft de beschikking en de aanslag OZB in stand. Belanghebbende krijgt geen griffierecht terug en geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde en aanslag OZB wordt ongegrond verklaard en de beschikking blijft in stand.