Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- de advocaat van betrokkene;
- verpleegkundig specialist, mevrouw [persoon] .
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 28 augustus 2025 een beschikking gegeven tot wijziging van een zorgmachtiging op verzoek van de officier van justitie. Betrokkene lijdt aan schizofrenie met somatische hallucinaties en paranoïde gedachten, en kampt met ernstige somatische klachten zoals eczeem en dermatomycose, die zij onvoldoende laat behandelen. Door pijnklachten en achterdochtige gedachten is betrokkene nauwelijks in staat tot functioneren en vertoont zij agressie bij verzorgingspogingen.
De rechtbank constateert een (dreigende) noodsituatie als bedoeld in artikel 8:11 Wvggz Pro en oordeelt dat vrijwillige zorg niet mogelijk is vanwege het ontbreken van ziekte-inzicht en zorgmijding. De gevraagde wijziging betreft aanvullende vormen van verplichte zorg, waaronder medische handelingen, beperking van bewegingsvrijheid, toezicht en opname in een accommodatie. Niet alle verzochte maatregelen worden toegewezen; onderzoek aan kleding, lichaam en woonruimte worden afgewezen.
De rechtbank acht de toegewezen maatregelen proportioneel en noodzakelijk om de lichamelijke gezondheid van betrokkene te waarborgen en maatschappelijke teloorgang te voorkomen. De machtiging geldt tot 6 januari 2026. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank wijzigt de zorgmachtiging en wijst aanvullende vormen van verplichte zorg toe tot 6 januari 2026.