Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
1. de tussen partijen bestaande huurovereenkomst te ontbinden;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De zaak betreft een huurovereenkomst tussen eiser en gedaagde voor een zelfstandige woning sinds 1991. Eiser vordert ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming van de woning en betaling van een huurachterstand, wettelijke rente, toekomstige huurtermijnen en een schadevergoeding.
Gedaagde erkent de huurachterstand en voert aan dat er een betalingsregeling van € 200 per maand is overeengekomen. De kantonrechter stelt vast dat de huurachterstand ruim drie maanden bedraagt en dat dit een ernstige tekortkoming is die ontbinding rechtvaardigt. De vordering tot ontbinding en ontruiming wordt toegewezen, met uitzondering van de wettelijke huurverhoging over de schadevergoeding na ontbinding.
Daarnaast wijst de kantonrechter de buitengerechtelijke incassokosten toe, omdat eiser heeft voldaan aan de wettelijke vereisten voor aanmaning. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de huurachterstand, toekomstige huurtermijnen, schadevergoeding, incassokosten en proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming en betaling van huurachterstand, rente, schadevergoeding en incassokosten.