De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 14 augustus 2025 het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 1986, die lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. De zitting vond plaats met gesloten deuren, waarbij betrokkene, zijn behandelaar, casemanager en curator werden gehoord.
De rechtbank constateerde dat de beslistermijn was overschreden, waardoor de eerdere machtiging op 6 augustus 2025 verviel. Hierdoor kon de gevraagde machtiging niet voor twaalf maanden worden toegekend, maar slechts voor zes maanden, wat overeenkwam met het pleidooi van de advocaat.
Betrokkene vertoont ernstig nadeel door zijn stoornis, waaronder levensgevaar, ernstige psychische schade en maatschappelijke teloorgang. Verplichte zorg is noodzakelijk omdat betrokkene ontrouw is aan medicatiegebruik en gebrek aan ziekte-inzicht toont. De rechtbank wees specifieke vormen van verplichte zorg toe, zoals medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperking, insluiting en toezicht.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven beschikbaar gebleken. De toegewezen zorgvormen zijn evenredig en gericht op het bevorderen van maatschappelijke participatie en veiligheid. De zorgmachtiging geldt tot 14 februari 2026. Tegen deze beschikking staat cassatie open.