Uitspraak
RECHTBANK Zeeland-West-Brabant
1.[gedaagde 1],
2.
[gedaagde 2] B.V.,
3.
[gedaagde 3] B.V.,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eiseres en gedaagde zijn ex-partners waarbij gedaagde nog in de woning van eiseres verblijft. Eiseres vordert ontruiming van de woning en het perceel waarop ook dieren worden gehouden.
De voorzieningenrechter stelt vast dat er geen overeenkomst bestaat die gedaagde het recht geeft in de woning te verblijven en dat eiseres haar eigendom mag opeisen. De vordering tot ontruiming wordt daarom toegewezen.
Bij de bepaling van de ontruimingstermijn weegt de voorzieningenrechter de belangen van gedaagde mee, waaronder het vinden van een nieuwe woonruimte en een oplossing voor de dieren, alsmede het belang van zijn minderjarige zoon. Gezien de omstandigheden wordt een termijn van vier maanden na betekening van het vonnis vastgesteld.
Daarnaast worden de ondernemingen van gedaagde verplicht zich binnen drie weken uit te schrijven van het adres. De voorzieningenrechter legt een dwangsom op bij niet-naleving en machtigt eiseres tot executie met behulp van politie. Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming wordt toegewezen met een ontruimingstermijn van vier maanden na betekening.