ECLI:NL:RBZWB:2025:6042
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen heffing overdrachtsbelasting bij aankoop kavel nieuwbouw
Belanghebbende en zijn partner hebben op 5 juni 2024 een kavel gekocht waarop zij overdrachtsbelasting hebben betaald. Zij maakten bezwaar tegen de heffing en vorderden teruggaaf van de belasting, stellende dat cumulatie met omzetbelasting niet de bedoeling van de wetgever is.
De rechtbank oordeelt dat de heffing conform de wet heeft plaatsgevonden en dat geen bijzondere omstandigheden zijn aangetoond die toepassing van de wet in dit geval zouden moeten verhinderen. De anticumulatiebepaling in de Wet op belastingen van rechtsverkeer is niet van toepassing omdat belanghebbende geen omzetbelasting heeft betaald over de verkrijging.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om teruggaaf van griffierecht af, omdat sprake is van één geschil over één voldoening op aangifte. De uitspraak is gedaan door rechter V.A. Burgers op 12 september 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen de heffing van overdrachtsbelasting wordt ongegrond verklaard en het verzoek om teruggaaf van griffierecht wordt afgewezen.