Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
Juridisch kader voor beide feiten
Feit 1
Feit 2
op tijdstippen in de periode van 21 mei 2001 tot 21 mei 2003 in de Biesbosch en in Duitsland met [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedag 2] 1988, die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] , te weten het duwen en houden van zijn, verdachtes, vingers in de vagina van die [slachtoffer 1] .
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het onder feit 2 tenlastegelegde feit;
heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die bestaan uit het seksueel
binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd;
een gevangenisstraf van 15 maanden waarvan 5 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
10.Bijlage I
hij op een of meer tijdstip(pen) in de periode van 21 mei 2001 tot 21 mei 2003 in de Biesbosch, althans in Nederland en/of in Duitsland met [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedag 2] 1988, die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, een of meer
ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] , te weten het brengen en/of duwen en/of houden van zijn, verdachtes, vinger(s) in de vagina van die [slachtoffer 1] ;
(Artikel art 245 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht)
hij op een tijdstip in de periode van 1 juli 2006 tot en met 31 augustus 2006 te [woonplaats], in elk geval in Nederland, door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden van
een of meer ontuchtige handeling(en), bestaande uit het betasten van de billen en/of en/of liezen en/of schaamstreek van die [slachtoffer 2] en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) uit het – terwijl die [slachtoffer 2] op een ladder stond - onverhoeds betasten van de billen en/of liezen en/of schaamstreek van die [slachtoffer 2] ;
(Artikel art 246 Wetboek Pro van Strafrecht)