ECLI:NL:RBZWB:2025:6466
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet betalen griffierecht bij Dienst Toeslagen
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 28 augustus 2025 uitspraak gedaan in de bestuursrechtelijke zaak tussen eiser en Dienst Toeslagen. Eiser had beroep ingesteld tegen een besluit van Dienst Toeslagen, maar betaalde het vereiste griffierecht van €53,- niet binnen de gestelde termijn.
De griffier had eiser tweemaal schriftelijk, eerst per gewone brief en daarna per aangetekende brief, in de gelegenheid gesteld het griffierecht binnen vier weken te voldoen. Ondanks deze aanmaningen bleef betaling uit en gaf eiser geen verontschuldiging voor het verzuim.
Op grond van artikel 8:41 en Pro 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht oordeelde de rechtbank dat het niet tijdig betalen van het griffierecht niet verontschuldigbaar was. Hierdoor verklaarde de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk, waardoor het bestreden besluit in stand blijft.
De rechtbank deed deze uitspraak zonder zitting en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Partijen werd gewezen op de mogelijkheid van verzet binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht zonder verontschuldiging.