ECLI:NL:RBZWB:2025:6477
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag BPM bij importauto en waardevermindering door schade
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag BPM van €10.406, die door de inspecteur werd verminderd tot €9.967. De kern van het geschil betrof de toepassing van de Scandinavische rekenmethode voor CO2-uitstoot bij een importauto zonder Europese typegoedkeuring en de waardevermindering wegens schade aan de auto.
De rechtbank oordeelde dat de Scandinavische rekenmethode niet van toepassing is omdat belanghebbende onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat vergelijkbare auto's met Europese typegoedkeuring tegen een lagere CO2-uitstoot zijn geregistreerd. Ook concludeerde de rechtbank dat de schade aan de auto niet verder gaat dan normale gebruiksschade en dat de door de inspecteur gehanteerde schadeaftrek van 31% terecht is vastgesteld.
Verder werd het motiveringsbeginsel niet geschonden bij de uitspraak op bezwaar en is de redelijke termijn niet overschreden, waardoor het verzoek om immateriële schadevergoeding werd afgewezen. Het beroep is daarmee ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag BPM wordt ongegrond verklaard en het verzoek om immateriële schadevergoeding afgewezen.