Belanghebbende is eigenaar van een bosperceel met een houten schuurtje zonder enige aansluiting op elektriciteit, gas, water of riool. De heffingsambtenaar legde een aanslag rioolheffing op, stellende dat indirecte aansluiting op het riool aanwezig zou zijn omdat hemelwater uiteindelijk bij de gemeentelijke riolering terechtkomt.
De rechtbank oordeelt dat de heffingsambtenaar niet aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van een belastbaar feit. De afstand van ongeveer 1.000 meter tot de dichtstbijzijnde riolering en het ontbreken van directe of indirecte aansluiting maken dat de aanslag onterecht is opgelegd.
Het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard, de aanslag en de uitspraak op bezwaar worden vernietigd. De heffingsambtenaar moet het griffierecht aan belanghebbende vergoeden. Er is geen proceskostenvergoeding toegekend omdat hier niet om is verzocht.