Verzoeker heeft bij de kantonrechter een verzoek ingediend om het Ministerie van Financiën en de Belastingdienst op te dragen bepaalde handelingen te verrichten, waaronder het in behandeling nemen van ingebrekestellingen, verbeuren van dwangsommen, en het volledig uitvoeren van een uitspraak op bezwaar betreffende omzetbelasting.
De kantonrechter heeft verzoeker verzocht zijn verzoekschrift aan te vullen en toe te lichten op grond waarvan de kantonrechter bevoegd is om zijn verzoeken te behandelen. Verzoeker heeft vervolgens een aanvullend verzoekschrift ingediend waarin hij zijn doelen nader uiteen zet.
De kantonrechter oordeelt dat sommige doelen onder de bevoegdheid van de bestuurs-/belastingrechter vallen en zal deze intern doorsturen. Voor zover de doelen zien op het opleggen van een specifieke gedragsopdracht aan het bestuursorgaan, is de civiele rechter niet bevoegd. Verzoeker wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard in die verzoeken.
Verzoeker wordt veroordeeld in de proceskosten, die aan de zijde van het Ministerie en de Belastingdienst nihil worden begroot. De beschikking is gegeven door mr. Eijssen-Vruwink en in het openbaar uitgesproken op 15 augustus 2025.