ECLI:NL:RBZWB:2025:683
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- mr. Voorn
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige zorgregeling met overeenstemming tussen ouders
Partijen zijn gehuwd sinds 2016 en hebben een minderjarig kind dat bij de moeder verblijft. De vader verzoekt een voorlopige zorgregeling waarbij het kind om de week en tijdens de helft van de vakanties bij hem verblijft. De moeder stemt hiermee in, waardoor de mondelinge behandeling op verzoek van partijen komt te vervallen.
De rechtbank beoordeelt het verzoek en constateert dat er geen bezwaar is vanuit het belang van het kind tegen de voorgestelde regeling. De rechtbank wijst het verzoek toe en neemt de zorgregeling op in een beschikking. Het verzoek van de vader omtrent de kerstvakantie wordt ingetrokken en daarom afgewezen.
De beschikking bepaalt de zorgverdeling: het kind verblijft om de week van vrijdagmiddag tot woensdagochtend bij de vader, en de helft van de vakanties en feestdagen, met nadere afspraken in onderling overleg. Tegen deze beslissing is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk, alleen cassatie in het belang der wet.
Uitkomst: De rechtbank wijst de voorlopige zorgregeling toe waarbij het kind om de week en tijdens de helft van de vakanties bij de vader verblijft.