ECLI:NL:RBZWB:2025:6878
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet betalen griffierecht bij weigering VOG
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 4 maart 2025, waarbij het bezwaar tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) ongegrond werd verklaard.
De rechtbank heeft het beroep zonder zitting behandeld omdat het kennelijk niet-ontvankelijk was. Dit volgt uit artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De reden voor niet-ontvankelijkheid is dat eiser het griffierecht van €194,- niet heeft betaald en dit niet heeft kunnen verontschuldigen.
De griffier heeft eiser meerdere malen in de gelegenheid gesteld om het griffierecht binnen een gestelde termijn te voldoen, onder meer via een aangetekende brief. Eiser heeft hier geen gehoor aan gegeven en geen reden voor het verzuim opgegeven.
De rechtbank concludeert dat het niet betalen van het griffierecht niet verontschuldigbaar is en verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Hierdoor blijft het bestreden besluit in stand en wordt het beroep niet inhoudelijk beoordeeld. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht zonder verontschuldiging.