Uitspraak
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
Opiumwet, voor te bereiden en/of te bevorderen, te weten
- het opzettelijk binnen en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen,
- het opzettelijk bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken en/of vervoeren, en/of
- het opzettelijk vervaardigen
- voorwerpen en stoffen voorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte en zijn mededaders, wisten dat zij bestemd waren tot het plegen van dat feit,
immers
hebbenhij, verdachte en zijn mededaders opzettelijk
- een in werking zijnde productieopstelling/laboratorium en aanverwante goederen bedoeld voor de
bewerkingvan procaïne (zijnde versnijdingsmiddel voor cocaïne) en
- grote hoeveelheden grondstoffen en/of chemicaliën waaronder procaïne en aceton en ammonia en zoutzuur voorhanden gehad.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging en kostenmaatregel
7.De wettelijke voorschriften
8.Beslissing
een gevangenisstraf van 36 maanden;
verplichting op tot het vergoeden van de kostendie ten laste van de staat komen in verband met de vernietiging van voorwerpen die ernstig gevaar opleveren voor de leefomgeving of voor de volksgezondheid en stelt het te betalen bedrag van die kosten vast op een bedrag van
€ 10.293,26;
2024 te [plaats] tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van Pro de
Opiumwet, voor te bereiden en/of te bevorderen,
te weten
- het opzettelijk binnen en/of buiten het grondgebied van Nederland
brengen,
- het opzettelijk bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren,
verstrekken en/of vervoeren, en/of
- het opzettelijk vervaardigen
van een of meer hoeveelhe(id(en) van (een) materia(a)l(en) bevattende
cocaïne, in elk geval een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet
behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van
de Opiumwet voor te bereiden en/of te bevorderen (telkens)
- een of meer anderen heeft getracht te bewegen om dat feit te plegen, te
doen plegen, mede te plegen en/of uit te lokken, om daarbij behulpzaam
te zijn en/of om daartoe gelegenheid, middelen en/of inlichtingen te
verschaffen,
- zich en/of een ander gelegenheid, middelen en/of inlichtingen tot het
plegen van dat feit heeft getracht te verschaffen,
- een of meer voorwerpen, vervoermiddelen, stoffen, gelden en/of
andere betaalmiddelen voorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte
en/of zijn mededader(s), wist(en) of ernstige reden had(den) om te
vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen van dat feit,
immers heeft hij, verdachte en/of zijn mededader(s) opzettelijk
-een in werking zijnde productieopstelling/laboratorium en/of
aanverwante goederen bedoeld voor de productie van procaïne (zijnde
versnijdingsmiddel voor cocaïne) en/of
-(een) (grote) hoeveelhe(i)d(en) grondstoffen en/of chemicaliën
waaronder procaïne en/of lidocaïne en/of aceton en/of ammonia en/of
zoutzuur voorhanden gehad;
( art 10a lid 1 ahf/sub 1 Opiumwet, art 10a lid 1 ahf/sub 2 Opiumwet, art
10a lid 1 ahf/sub 3 Opiumwet, art 47 lid 1 ahf Pro/sub 1 Wetboek van
Strafrecht )