Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
STICHTING JEUGDBESCHERMING BRABANT, gevestigd te Etten-Leur,
de Raad voor de Kinderbescherming, regio Zuidwest Nederland, locatie Breda,
1.Het verdere verloop van de procedure
- de in deze zaak gegeven beschikking van de kinderrechter van 25 april 2025 en alle daarin vermelde stukken;
- het verslag van de GI van 4 augustus 2025.
2.De nadere feiten
- Wie neemt juridisch en praktisch de verantwoordelijkheid voor het wooncomponent op zich?
- Hoe ziet de constructie eruit, en wat is juridisch en inhoudelijk mogelijk binnen de Jeugdwet, met het oog op de WMO ( [minderjarige] wordt pas op [geboortedag] 2026 achttien)?
- Wie draagt zorg voor gedeelde financiering van huisvesting, begeleiding en behandeling?
- In het belang van [minderjarige] acht de kinderrechter het noodzakelijk dat bovengenoemde vragen zo spoedig mogelijk door de gemeente [woonplaats] worden beantwoord en dat binnen een termijn van vier maanden de maatwerkplek geregeld móet zijn, dan wel in een ver gevorderd stadium geregeld is. Er is geen tijd te verliezen.
3.Het resterende verzoek
4.De nadere standpunten
5.De beoordeling
De beslissing
- door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.