De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 19 september 2025 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 1997, die lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene was aanvankelijk niet aanwezig bij de zitting van 16 september 2025, waarna de behandeling werd aangehouden tot 19 september 2025. Tijdens de zitting werden betrokkene, zijn advocaat, psychiater en ouders gehoord.
De rechtbank constateerde dat betrokkene een schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en/of neurobiologische ontwikkelingsstoornissen heeft, die leiden tot ernstig nadeel zoals lichamelijk letsel, psychische schade, verwaarlozing en gevaar voor veiligheid. Verplichte zorg is noodzakelijk omdat vrijwillige zorg in het verleden niet effectief was en betrokkene ambivalent is over medicatiegebruik.
De rechtbank wijst een zorgmachtiging toe voor de duur van negen maanden, waarbij verplichte zorgvormen zoals medicatietoediening, medische controles, bewegingsvrijheidsbeperking, beperkingen in het eigen leven en opname in een accommodatie worden toegestaan. Het beperken van communicatiemiddelen wordt afgewezen. De termijn is een middenweg tussen de wens van betrokkene en het advies van de psychiater.
De beschikking is mondeling gegeven en schriftelijk vastgesteld op 30 september 2025. Tegen deze beschikking staat cassatie open.