Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
STICHTING JEUGDBESCHERMING BRABANT, locatie Etten-Leur,
RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING, Zeeland-West-Brabant, locatie Breda, hierna: de Raad, de rechtbank over het verzoek geadviseerd.
1.Het verdere verloop van de procedure
- de in deze zaak gegeven beschikking van 9 oktober 2025 en alle daarin genoemde stukken;
- de brief van mr. Koop-van Vliet van 14 oktober 2025 met 4 producties.
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De standpunten
5.De nadere beoordeling
6.De beslissing
voorlopigde beschikking van 7 juni 2024 ten aanzien van de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken en bepaalt dat de vader en de minderjarigen
voorlopigrecht hebben op begeleid contact met elkaar op de wijze zoals hiervoor in rechtsoverweging 5..5. is beschreven, waarbij de GI regie voert over de eventuele uitbreiding van de contacten (in vorm (wel/niet begeleid), locatie, frequentie en duur); bepaalt hierbij dat de
GI binnen een week, althans zo spoedig als mogelijkaan de kinderrechter, de belanghebbenden en de raad zal laten weten welke persoon of organisatie de omgangsbegeleiding op zich zal nemen;
20 januari 2026 PRO FORMA, in afwachting van bericht van de GI, zulks met inachtneming van hetgeen hiervoor onder 5.7. is overwogen;
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.