ECLI:NL:RBZWB:2025:7085

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
7 oktober 2025
Publicatiedatum
22 oktober 2025
Zaaknummer
C/02/440421 / FA RK 25-5084
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Benjaddi
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz)
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voortzetting crisismaatregel Wvggz ondanks verzet betrokkene met eigen zorgvoorwaarden

Betrokkene verblijft onder een crisismaatregel bij een accommodatie vanwege een psychotische stoornis met ernstig dreigend nadeel. De burgemeester heeft de maatregel afgegeven op 2 oktober 2025. De officier van justitie verzoekt verlenging van de crisismaatregel voor drie weken met verplichte zorg, waaronder medicatie, medische controles, bewegingsbeperking en opname.

Betrokkene is het niet eens met de verlenging en stelt eigen voorwaarden aan de zorg, zoals zorg van Sterk Huis. Zij voelt zich onveilig in haar woning en wil niet naar huis. De verpleegkundig specialist rapporteert een psychose met complottheorieën en betrekkingsgedachten, overlastgevend gedrag en lichamelijke gezondheidsproblemen. Er is noodzaak tot verdere stabilisatie en onderzoek naar de relatie met haar zoontje.

De rechtbank concludeert dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, veroorzaakt door een psychische stoornis, en dat verplichte zorg noodzakelijk is omdat betrokkene zorgmijdend is en vrijwillige afspraken niet mogelijk zijn. Minder bezwarende alternatieven ontbreken. De machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel wordt verleend voor de gevraagde duur van drie weken, met de genoemde vormen van zorg, en geldt tot 28 oktober 2025.

Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor drie weken met verplichte zorg ondanks het verzet van betrokkene.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/440421 / FA RK 25-5084
Datum uitspraak: 7 oktober 2025
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een voortzetting van de crisismaatregel als bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor:
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1988 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen: betrokkene,
wonend in [geboorteplaats] ,
verblijvende bij de accommodatie van [accommodatie] , [adres] ,
advocaat: mr. J.H.P.M. Verhagen uit Breda.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 3 oktober 2025.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 7 oktober 2025 bij de accommodatie van [accommodatie] . Daarbij zijn aanwezig en gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
  • verpleegkundig specialist, de heer [persoon 1] ;
1.3.
Tevens waren als toehoorder bij de zitting aanwezig mevrouw [persoon 2] , activiteitenbegeleidster en mevrouw [persoon 3] , agoog.

2.Wat vaststaat

Betrokkene verblijft met een crisismaatregel bij de accommodatie van [accommodatie] . De burgemeester van Oosterhout heeft de crisismaatregel op 2 oktober 2025 afgegeven.

3.Het verzoek

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken met de volgende vormen van verplichte zorg:
- het toedienen van vocht en voeding;
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- opnemen in een accommodatie.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene brengt, samengevat, naar voren dat zij nu is uitgerust. Zij heeft tijdens haar opname alles op een rijtje kunnen zetten. Betrokkene komt echter tot dezelfde conclusie; zij en haar zoontje lopen gevaar. Zo is de telefoon van betrokkene gehackt en zijn er ongewenste personen in haar woning aanwezig. Het zoontje van betrokkene heeft deze personen gezien. Betrokkene vraagt zich af hoe mensen haar woning binnenkomen. Op dit moment wil betrokkene niet naar huis. Zij voelt zich daar niet veilig. Het liefst zou betrokkene een traject volgen bij Sterk Huis, waar zij samen met haar zoontje terecht kan. Volgens betrokkene krijgt zij op dit moment geen medicatie. Wel gebruikt zij vitaminen en oxazepam, wat zij neemt tegen de overprikkeling door andere cliënten.
4.2.
De verpleegkundig specialist verklaart, samengevat, als volgt. Betrokkene heeft te kampen met een psychose, met denken in een complottheorie en betrekkingsgedachten. Dit levert onmiddellijk dreigend ernstig nadeel op. Zo heeft betrokkene vuurwerk in haar woning afgestoken, heeft zij met een mes naar een ander gewezen en is er sprake van fysieke problemen, in de vorm van leverproblemen. Mogelijk is het somatische probleem van betrokkene een oorzaak voor haar psychische stoornis. In de komende periode wordt in samenspraak met Sterk Huis bekeken wat er mogelijk is in de relatie tussen betrokkene en haar zoontje. Betrokkene heeft een passende Wlz-indicatie. De noodzaak voor langere opname is verdere stabilisatie en te bezien hoe het contact verloopt tussen betrokkene en haar zoontje. Gekeken moet worden wat de bezorgdheid en stress met betrokkene doen. Daarnaast is het de bedoeling om betrokkene een antipsychoticum te geven.
4.3.
De advocaat voert, samengevat, aan dat betrokkene niet naar huis wil. Zij wenst geholpen te worden. Betrokkene wil echter het liefst naar Sterk Huis. In dat kader is het goed te vernemen dat er aandacht is voor de band tussen betrokkene en haar zoontje. Betrokkene heeft behoefte aan contact met hem. Een voordeel van een langere opname is dat betrokkene nog rustiger wordt.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige materiële schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
5.3.
De rechtbank neemt daarbij onder andere in aanmerking dat betrokkene overlastgevend gedrag veroorzaakt door haar denkbeeld. Zij is ervan overtuigd dat zij en haar zoontje bedreigd worden en anderen in gevaar zijn. Betrokkene is er tevens van overtuigd dat mensen haar woning binnenkomen, spullen komen weghalen en brand gaan stichten. De politie krijgt dagelijks overlastmeldingen. Daarnaast is betrokkene in de afgelopen maanden fors in gewicht afgevallen, wat een risico oplevert voor haar lichamelijke gezondheid en onttrekt zij zich aan somatische zorg.
5.4.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, persoonlijkheidsstoornissen, middelgerelateerde en verslavingsstoornissen en andere problemen die een reden voor zorg kunnen zijn. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat uit de toelichting van de verpleegkundig specialist volgt dat bij betrokkene momenteel sprake is van een psychotische ontregeling, mogelijk door somatisch lijden.
5.5.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
5.6.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- opnemen in een accommodatie.
5.6.1
De rechtbank zal ‘toedienen van vocht en voeding’ alsmede ‘het
verrichten andere medische handelingen en therapeutische maatregelen’ alsook ‘insluiten’ niet in de machtiging overnemen, nu betrokkene dit niet nodig heeft.
5.7.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Hoewel zij zegt nu niet naar huis te willen, stelt betrokkene eigen voorwaarden aan de zorg. Zo wenst zij zorg te willen van Sterk Huis. Daarnaast is uit de overgelegde stukken gebleken dat betrokkene zorg mijdend is, zij diskwalificerend is naar hulpverlening en eerder een poging tot een vrijwillige opname niet is gelukt. Gelet hierop heeft de rechtbank er geen vertrouwen in dat met betrokkene (behandel)afspraken zijn te maken in een vrijwillig kader. Daarom is verplichte zorg nodig.
5.8.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.
5.9.
Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, voor de verzochte duur.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1988 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de volgende maatregelen kunnen worden toegepast;
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- opnemen in een accommodatie;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 28 oktober 2025;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 7 oktober 2025 door mr. Benjaddi, rechter, in aanwezigheid van mr. Vos, griffier en op schrift gesteld op 21 oktober 2025.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.