Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
STICHTING JEUGDBESCHERMING BRABANT,
1.Het verloop van de procedure
- de beschikking van de kinderrechter van deze rechtbank van 16 juni 2025 en alle daarin vermelde stukken;
- de brief van de GI van 17 september 2025;
- de brief van mr. Heesmans van 24 september 2025;
- de brief van mr. Heesmans van 25 september 2025;
- de brief van de GI van 25 september 2025;
- de brief van mr. Smeulders-Martens van 25 september 2025;
- het bericht van de rechtbank aan de GI, de Raad en de advocaten van 30 september 2025;
- de brief van de GI van 1 oktober 2025.
2.De nadere beoordeling
De situatie lijkt inmiddels verslechterd nu de weerstand van [minderjarige] groter is geworden doordat zij geen hulpverlening en begeleiding heeft gehad. De kans op een goede uitkomst wordt steeds kleiner naarmate de tijd verstrijkt. Het belang van [minderjarige] wordt daarmee ernstig geschaad.
De GI heeft schriftelijk aan de rechtbank bericht dat als de kinderrechter ter zitting en in de beschikking een beslissing neemt over de inzet van De Gezinsmanager, de GI hiervoor een aanmelding zal doen. De kinderrechter acht dit bericht opmerkelijk. Het is immers de taak van de GI om te bepalen welke hulpverlening passend is en kan worden ingezet. Dit is niet aan de kinderrechter. De GI dwingt de kinderrechter er nu echter toe om hierover iets in de beslissing op te nemen.
De kinderrechter geeft alvast uitdrukkelijk aan dat wordt verwacht dat er een vertegenwoordiger van de GI aanwezig is op deze zitting.
2.De beslissing
woensdag 26 november 2025 om 13.00 uur(duur: 45 minuten) in het gerechtsgebouw van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, locatie Breda, aan Stationslaan 10 in Breda;
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.